Wat hebben planten nodig om te groeien?

Ja, waar houdt een plant van? Natuurlijk van licht. Met behulp van licht maakt hij van koolzuur uit de lucht en uit water in de grond, eten voor zichzelf, waar hij van groeit. Het mooie daarbij is dat hij zuurstof maakt dat hij niet nodig heeft. Dat laat hij vrij in de lucht. Wij ademen die zuurstof in, want zonder zuurstof stikken wij. En het leuke is dat wij weer koolzuur uitademen en dat gebruikt een plant dan weer.

Een plant heeft dus lucht nodig, maar ook water, Ze houden alleen niet van te veel of te weinig water. Dat laten ze dan ook merken. Ze worden geel, gaan slap hangen, of verdorren. En groeien…ho maar, dat doen ze niet meer. Wanneer de aarde erg droog is, moet je de planten water geven. Let er wel op dat het water niet op de bladeren terechtkomt. Als de zon dan schijnt, werken de druppels net als een vergrootglas en verbranden de bladeren. Nee, het water is voor de wortels, dus maak alleen de aarde rond de planten nat. Houd de gieter vooral niet te hoog. Als je dat doet, spoelt het water de plantjes of het zaad uit de grond. En dat is niet de bedoeling.

Om te zorgen dat het water makkelijk bij de wortels kan komen, is het belangrijk dat je de aarde lekker los maakt. Lopen over je tuintje, of bed zoals dat heet, is niet verstandig, want daar wordt de grond juist hard van. Dat gebeurt ook tijdens een stevige plensbui. "Dan slaat de grond dicht" zeggen we. Ook dan moet je de aarde weer losmaken. Vergeet vooral niet onkruid te wieden. Met wortel en al, anders eten de onkruidplantjes het voedsel van jouw plantjes op.

Gelukkig hoef je niet alleen je tuintje te verzorgen. Je weet het misschien niet, maar je hebt een massa “hulptroepen”in de tuin. Vlinders en bijen zorgen ervoor dat het stuifmeel van de ene bloem naar de stamper van de andere bloem wordt gebracht. Bestuiven heet dat. Als er geen bestuiving zou plaatsvinden, zouden er ook geen vruchten zijn.

Maar er zijn meer diertjes die je helpen. Lieveheersbeestjes zijn verzot op bladluizen die van je plantjes willen snoepen en vogels smullen van rupsen die je kool of sla willen opvreten. In de grond zijn ook “hulptroepen” druk aan het werk. Wormen maken gangetjes, waardoor lucht en water bij de wortels kunnen komen. De grond wordt daar lekker los van en in losse grond groeien planten nu eenmaal beter. Ook dringt zonnewarmte dan beter door in de grond en die warmte vinden de planten fijn. Verder stikt het er van de bacteriën die ook hun bestdoen om je te helpen.

Nou, dat was het dan wel. Je weet nu waar planten van houden: van licht, lucht en water. En jij kunt een handje helpen. Maar je weet het, je doet het niet alleen. Je hebt een hele massa hulptroepen bij de hand.